In een kleine pauzeruimte delen alle collega's dezelfde lucht. Als er iemand vis opwarmt of een ei pelt, weet iedereen meteen wat er op het menu staat. Dat is niet altijd erg, maar soms is het te veel van het goede, vooral op een drukke dag of bij een gesloten raam. Met een beetje aandacht voor wat je meeneemt, blijft de ruimte prettig voor iedereen.
Kies wat weinig ruikt
Brood met kaas, komkommer en tomaat, een koude pastasalade of een portie rijst met groente ruiken nauwelijks. Fruit, noten en yoghurt zijn ook een veilige keuze. Sterke geuren komen vaak van vis, gebakken ei, kool, ui, knoflook en pittige gerechten, vooral als ze warm worden gemaakt. Je hoeft die dingen niet te schrappen, maar bedenk of ze op deze dag echt nodig zijn.
Gebruik een trommeltje met een goed sluitend deksel, en open het pas als je gaat eten. Warm je eten op met een deksel of bord erover, zodat de geur binnen blijft. Eet je iets dat sterk ruikt, doe dat dan bij het raam of buiten, en gooi de resten meteen in de afvalbak. Zet die bak aan het einde van de dag leeg.
Samen afspraken maken
Iedereen vindt iets anders sterk ruiken, dus praat er rustig over. Doe dat niet als verwijt, maar als voorstel: kunnen we afspreken dat vis en dergelijke liever buiten wordt gegeten? Vaak blijkt dat meer mensen dezelfde gedachte hadden. Sommige mensen zijn nu eenmaal gevoeliger voor geuren dan anderen, en dat is geen aanstellerij. Een vriendelijk woord vooraf voorkomt dat iemand zich later ergert. Een ventilator of een open raam kan al een groot verschil maken, en de afzuiging kan vaker aan.
Houd ook rekening met het tijdstip. Rond het middaguur zit de ruimte vol en is de geur snel overal, terwijl een lunch aan het begin of einde van de pauze minder opvalt. Wie graag iets bijzonders eet, kan het beter meenemen op een dag dat het rustig is. Een paar kleine aanpassingen, en de pauzeruimte blijft een plek waar iedereen graag komt.